Programma
Een voorbeeld van een dagprogramma op een van de groepen ziet er als volgt uit.
Regenboog Vlinders aan het Fonteinbos
De groep is ingericht in rustige lichte tinten. De inrichting straalt warmte en geborgenheid uit. Vitrages in zachte kleuren filteren het buitenlicht, de verlichting is warm, kaarslicht straalt gezelligheid uit, het speelhuisje is gemaakt van zachte doeken en geven beschutte plekjes om te spelen, de leidsters spreken en zingen met zachte stem. Het dagverblijf is schoon, fris en opgeruimd, alles heeft zijn vaste plek. Er zijn geurhouders met ontspannende lavendelolie.
Het speelgoed is van natuurlijke materialen (hout, wol, katoen, zijde). Het speelgoed is bedoeld om de fantasie van de kinderen te prikkelen: een houten blok kan de ene keer een auto zijn, de andere keer een telefoon. Kinderen kunnen met dit speelgoed alleen, of met elkaar, de wereld ontdekken. Zo kunnen zij hun eigen kwaliteiten leren begrijpen en benutten.
Belangrijk op de groep is het ritme: van de dag, van de week, van het jaar. Dit ritme van regelmatig terugkerende activiteiten geeft de kinderen houvast en veiligheid. De kinderen zijn intensief bezig in hun spel (buiten of binnen) en, op vaste momenten van de dag, komen alle kinderen weer rustig aan tafel zitten om wat te eten of te drinken. Door de afwisseling van druk spelen en tot rust komen, krijgt de dag een natuurlijk ritme (van in- en uitademing).
’s Ochtends na het drinken wordt eerst de Kabouter wakker gemaakt die aan elk kind individueel aandacht geeft. Na dit ritueel mogen de kinderen vrij spelen.
Voor het drinken/eten wordt de tafel voor iedereen gedekt (met bordjes en/of bekers). Voordat de kinderen met eten/drinken beginnen, klinkt een lied of een spreuk, allen geven elkaar een hand en wensen elkaar "eet smakelijk allemaal". Dit is een terugkerend rustpunt in de ochtend/middag, en de dagelijkse herhaling ervan maakt dat slechte etertjes vanzelfsprekend mee gaan eten/drinken. Ook na het eten/drinken klinkt een lied of een spreuk. Voor kinderen die graag iets van thuis meebrengen, vragen wij ouders om fruit mee te geven. Zo leren we om samen te delen. Het voedsel en drinken op deze groep is biologisch. Ook bakken we vaak broodjes met de kinderen.
Het is het heel belangrijk om oog te hebben voor het unieke van ieder kind. Wie is dit kind, dit unieke wezen en wat heeft het nodig? Dat kan dus voor ieder kind anders zijn. Net zoals iedere leidster weer anders is. Belangrijk is wel dat je je als leidster bewust bent van hoe je iets doet of overbrengt. Geprobeerd wordt alle dingen met aandacht, rust en respect te doen. Jonge kinderen bootsen alles na en leidsters moeten dan ook een voorbeeld zijn.
Ook het ritme van het jaar beleven we mee, doordat de liedjes, spelletjes en verhaaltjes zijn afgestemd op de seizoenen. De inhoud van de seizoenskast wisselt mee met de seizoenen. We vieren de jaarfeesten op een wijze die is aangepast aan het niveau van de kinderen.


